De minister van Onderwijs van de Federatie Wallonië-Brussel, Valérie Glatigny, zal in juni een voorstel op tafel leggen bij de Regering om het dragen van levensbeschouwelijke tekens door leerkrachten te verbieden in het officiële onderwijs, zowel georganiseerd als gesubsidieerd. Doel: dit verbod vanaf de start van het schooljaar september 2026 toepassen.
In België is het officiële onderwijs neutraal omdat het een openbare dienst is die openstaat voor iedereen, zonder onderscheid van overtuiging. Een principe dat is vastgelegd in de Grondwet en bevestigd door het Schoolpact van 1958. Dat garandeert dat elke leerling gerespecteerd wordt in zijn filosofische of religieuze keuzes, dat de school geen ideologie oplegt, en dat ze jongeren opvoedt tot kritisch denken, dialoog en burgerschap. Toch overwegen sommige Brusselse gemeentelijke bestuurders om terug te krabbelen op het vlak van neutraliteit van het onderwijs en de openbare diensten door het dragen van levensbeschouwelijke tekens voor leerkrachten toe te staan in naam van de strijd tegen het lerarentekort. Een situatie die Valérie Glatigny betreurt en die haar aanmoedigde om een belangrijke stap te zetten: de neutraliteit versterken via een duidelijke maatregel, gedragen op het niveau van de Federatie Wallonië-Brussel.
De minister heeft immers zonet haar wil aangekondigd om het dragen van levensbeschouwelijke tekens voor leerkrachten in het officiële onderwijs vanaf 2026 te verbieden, om de neutraliteit in het onderwijs te versterken, in overeenstemming met de Gemeenschapsverklaring. Valérie Glatigny heeft haar wil uitgedrukt om « zo ver mogelijk te gaan » om een neutrale schoolomgeving te garanderen, voor alle scholen en voor de leerlingen.
Het door de MR-minister vooropgestelde doel is duidelijk: een onduidelijke en spanningsverwekkende situatie verhelderen, door de neutraliteit van het onderwijs en de gelijke behandeling van alle leerlingen te waarborgen. « De officiële school moet een gemeenschappelijke ruimte zijn, beschermd tegen elke vorm van invloed of proselitisme », benadrukte Valérie Glatigny.