Naar aanleiding van de officiële ceremonie van de Feesten van Wallonië, op 19 september in het Théâtre Royal van Namen, hield Waals Minister-President Adrien Dolimont een toekomstgerichte toespraak over de noodzaak om hervormingen voort te zetten en samen te werken tussen de Gewesten. Voor het eerst was Vlaanderen eregast van de festiviteiten.
In aanwezigheid van onder meer Koning Filip en Vlaams Minister-President Matthias Diependaele herinnerde Adrien Dolimont aan de noodzaak voor Wallonië om zijn transformatie voort te zetten en terug te keren naar gezonde overheidsfinanciën. Vermindering van structuren en overheidsuitgaven, hervorming van de instellingen en afschaffing van het provinciale niveau: de Minister-President bevestigde zijn wil om de werking van het Gewest te veranderen.
Zijn toespraak was ook de gelegenheid om terug te blikken op de bosbranden die deze zomer de Hoge Venen troffen en op de noodzaak om Wallonië beter voor te bereiden op de gevolgen van de klimaatverandering.
Met Vlaanderen als eregast riep Adrien Dolimont ten slotte op om de tegenstellingen tussen de Gewesten te overstijgen en voorrang te geven aan emulatie en samenwerking. Tegenover een concurrentie die zich voortaan op Europese en wereldwijde schaal afspeelt, pleitte hij voor een Wallonië dat “welvarend, productief, innovatief en vastberaden” is, in staat om volop zijn plaats naast de andere Gewesten van het land terug in te nemen.
Hieronder vindt u de volledige toespraak die Adrien Dolimont hield naar aanleiding van de Feesten van Wallonië.
Toespraak van Adrien Dolimont
Mijnheer de Vlaamse Minister-President,
Mijnheer de Voorzitter van het Parlement,
Excellenties,
Dames en heren, in al uw titels en hoedanigheden,
Beste leden van de pers,
Beste vrienden,
Vorig jaar was de Eerste Minister bij ons.
Dit jaar was Zijne Majesteit de Koning aanwezig.
En vandaag verwelkom ik met veel plezier de Vlaamse minister-president Matthias Diependaele.
De Feesten van Wallonië zijn dus ook een evenement voor heel België.
Dames en heren,
Na de regio Champagne-Ardenne
Het Groothertogdom Luxemburg.
Rijnland-Palts.
De Hauts-de-France,
En nog zovele anderen.
We moesten wachten tot 2026 voor Vlaanderen om voor het eerst eregast te zijn van de Feesten van Wallonië.
Vorig jaar hadden we Vietnam uitgenodigd.
Niemand heeft ons gevraagd waarom.
Dit jaar roept Vlaanderen meer vragen op.
Waarom hebben we zo lang gewacht?
Laten we zeggen dat onze relaties niet altijd eenvoudig waren.
We hebben elkaar bekeken doorheen onze clichés, onze onbegrip, onze gevoeligheden.
We hebben ons veel vergeleken, soms tegenover elkaar gezet.
De blik op Wallonië heeft ons soms gekwetst, maar wees ook op zwaktes die we zelf kenden.
Wanneer je niet houdt van het beeld dat anderen van ons hebben,
kan je ofwel je tijd besteden aan hen verwijten te maken.
ofwel hen redenen geven om hun mening te veranderen.
De tweede mogelijkheid lijkt me de verstandigste.
Twee jaar geleden, zodra de regering gevormd was, wilden we identificeren wat niet meer werkte.
Daarna hebben we de werken van Hercules aangevat.
Hij had er maar 12, die gelukkige.
Wij hebben er een veel groter aantal, waaronder het verminderen van ons tekort.
We zullen nooit weten of Hercules zelf erin geslaagd zou zijn.
Churchill (het is altijd indrukwekkend om Churchill te citeren in een toespraak), Winston dus, zei: “De waarheid is onbetwistbaar. Men kan haar ontvluchten uit paniek, bespotten uit onwetendheid, vervormen uit kwaadwilligheid. Maar de waarheid blijft bestaan.”
Er zijn meerdere manieren om een tekort te verminderen:
minder uitgeven,
sommigen zullen zeggen meer belasten,
of heel hard hopen.
In Wallonië, ook in België, hebben we de laatste veel beproefd.
Zichzelf voorliegen is gemakkelijk.
MAAR, HET MOGE SOMMIGEN MISHAGEN, een regio besturen vereist om te houden aan, EN DUS TERUG TE KEREN NAAR, ernstige overheidsfinanciën.
Er is geen wondermiddel wanneer men een welvaartsstaat moet hervormen zonder de solidariteit te breken die in haar hart moet blijven.
We moeten het beter doen met minder.
Dat is trouwens in essentie wat onze Eerste Minister enkele dagen geleden verklaarde: zonder diepgaande institutionele hervorming zal ons land nooit uit zijn moeilijkheden geraken.
Vandaag moeten we inderdaad pragmatisch zijn en in onze Gewesten valt er al veel te doen.
Laten we het voorbeeld geven aan de burgers die het eisen:
het aantal structuren, lagen en niveaus verminderen en onze levensstijl inperken is een krachtig signaal.
Ja, we willen minder parlementsleden.
Ja, we willen minder verkozenen.
Ja, bepaalde gemeenten zouden moeten fuseren.
Ja, we zullen het provinciale machtsniveau afschaffen.
Ja, we zullen de overheidsuitgaven verminderen, want men kan geen rijkdom blijven uitdelen die men niet meer produceert.
Op een bepaald moment zegt zelfs de geldautomaat: “ontoereikend saldo”.
Nietzsche leert ons, met het perspectivisme, dat: “Alle kennis en alle waarheid zijn bepaald door een particulier standpunt”.
In de politiek is dat, te vaak, zo.
Elke hervorming verstoort gewoontes.
Iedereen kijkt dus vanzelfsprekend naar wat hij riskeert te verliezen.
Gezien vanuit een structuur lijkt een hervorming op een verlies.
Gezien vanuit het algemeen belang is zij waarschijnlijk vooruitgang.
Daarom is het de rol van ons allen, hier aanwezig, om te kijken wat de gemeenschap, ik zeg wel degelijk de gemeenschap, erbij kan winnen.
Want, zoals u weet, vereisen verschillende van deze belangrijke hervormingen een meerderheid die de politieke scheidslijnen overstijgt.
Over deze essentiële onderwerpen verwacht dus geen enkele terugtrekking van mijnentwege.
Deze zomer gingen meer dan 3.400 hectare van de Hoge Venen in vlammen op.
Ik ben onmiddellijk ter plaatse gegaan. Ik zag een verwoest landschap, in het hart van een van onze mooiste natuurgebieden.
Op het terrein zag ik de omvang van de ingezette menselijke middelen.
Men beseft niet altijd, van op afstand, wat zo'n strijd inhoudt. De urenlange inzet. De vermoeidheid. De bijtende rook. De hitte.
Tegenover een brand zonder weerga op ons grondgebied hebben mannen en vrouwen elkaar dagenlang afgewisseld: brandweerlieden, DNF-agenten, veiligheidstroepen, militairen, landbouwers, vrijwilligers, overheidsdiensten.
Hun professionalisme is opmerkelijk. Hun menselijkheid, nog meer.
Aan allen die aan deze inspanning hebben deelgenomen, zeg ik dank u en vraag ik u hen te applaudisseren.
We zullen de Venen herstellen.
Maar enkel herplanten en heropbouwen in afwachting van de volgende keer is geen beleid.
Onze rol is om lessen te trekken uit dit drama.
We zullen niet alles kunnen voorkomen.
Maar we kunnen beter voorbereid zijn.
Deze aanpassing verplicht ons om verder te kijken dan onze politieke mandaten.
Onze mandaten duren 5 jaar. Het klimaat zelf stemt niet.
We moeten een voorstel beoordelen op zijn eigen waarde, niet op het kamp waaruit het komt.
Er zijn momenten waarop de toekomst voorbereiden belangrijker is dan de volgende confrontatie winnen.
Deze toekomst zullen we niet alleen opbouwen…
Beste Matthias,
Ik heb deze zomer gehoord dat een “Vlaamse Belgïe” ook Wallonië zou kunnen bevallen.
Ik ken de “carbonades à la flamande”,
de Vlaamse Belgïe is me, ik geef het toe, minder vertrouwd.
Ik geloof dat we meer te winnen hebben bij elkaar te inspireren dan elkaar te imiteren.
Temeer daar we al lang een zeer Belgische vorm van samenwerkingsakkoord beoefenen:
jullie komen naar ons, wij gaan naar jullie en we taxeren elkaar.
Zich vergelijken is niet noodzakelijk een slechte zaak, op voorwaarde dat men emulatie verkiest boven concurrentie.
Als een hervorming werkt in Vlaanderen, laten we kijken wat we daarvan kunnen leren.
Als een hervorming werkt in Wallonië, ik houd onze lange lijst voor je beschikbaar, beste Matthias, hoop ik dat ze jullie kan inspireren.
Zoals we weten, beste vrienden,
wanneer iedereen iets beters doet voor zijn bevolking,
stimuleert dat de ander om op zijn beurt ook beter te presteren,
en daar hebben alle Belgen baat bij.
Dat veronderstelt uiteraard dat we elkaar kunnen vertrouwen.
Ik wil het vandaag zeggen: we zijn het niet altijd eens, maar ik heb in de Vlaamse Regering een veeleisende en loyale partner gevonden.
Sommigen kennen mijn voorliefde voor fietsen:
een flandrien ontvangen laat me dus toe de metafoor door te trekken.
Jullie hebben de Flandriennes, kasseien en bergen.
Wij hebben de Ardennaises, hellingen en valleien.
We hebben monumenten die elk hun eigen zwaarte hebben, elk hun eigen schoonheid.
Wielrennen leert ons één ding.
In een peloton blijven sommigen beschut in de wielen, zij zullen nooit impact hebben op de wedstrijd.
Anderen, de avonturiers, houden ervan de koers op te schudden.
Zoals Remco die aanvalt op 70 kilometer van de finish.
Zoals Wout die zich in Roubaix veel meer dan een overwinning gunt, ik krijg er trouwens nog kippenvel van.
De geschiedenis van de sport, net als die van de politiek, onthoudt niet degenen die zich verstoppen, noch degenen die hun kleine kapitaal beheren. Ze onthoudt degenen die durven.
Dat is de ambitie die ik voor onze regio wil dragen.
Durf in plaats van gemakzucht.
Risico in plaats van rente.
Veranderen zonder te beven, in plaats van te beven voor verandering.
Beste Matthias,
Aangezien je onze uitnodiging voor de Feesten van Wallonië hebt aanvaard, weet dat ik graag de jouwe zou aanvaarden om op mijn beurt 11 juli en de Guldensporenslag te vieren.
Namen heeft tenslotte zijn Échasseurs.
In Kortrijk hebben jullie je ridders.
We hebben blijkbaar, aan beide zijden van de taalgrens, een zekere smaak voor veldslagen behouden.
Laten we dat bewaren voor onze historische feesten.
Want de gevechten die vandaag echt tellen, bevinden zich elders.
De echte concurrentie speelt zich niet meer af tussen Namen, Brussel en Antwerpen.
Hij speelt zich af op Europese schaal.
Wanneer een bedrijf beslist waar het investeert, kijkt het naar ons talent.
Onze energie.
Onze infrastructuur.
Onze termijnen.
De stabiliteit van onze regels.
Ons vermogen om te beslissen.
Het vergelijkt onze gebieden met de best presterende regio's van Europa.
Daarom is het echte peloton waarin we moeten blijven, noch Waals, noch Brussels, noch Vlaams.
Het is Europees.
Onze bedrijven hebben dat al begrepen.
Onze onderzoekers werken samen.
Onze industrieën zijn complementair.
Duizenden werknemers overschrijden dagelijks de gewestelijke grenzen zonder zich af te vragen waar een institutionele bevoegdheid ophoudt.
De realiteit heeft al een grote voorsprong genomen op onze debatten, die ons soms, het moet gezegd, tot de rode lantaarns rekenen.
Onze ambitie kan dus niet ophouden bij onze gewestelijke grenzen.
Er is een oorlog ontstaan aan de poorten van Europa.
Een andere blokkeert één, zelfs twee zeestraten en jaagt onze pompprijzen de hoogte in.
Washington en Peking tekenen de wereldhandel opnieuw uit. Onze oudste bondgenoten beslissen over douanerechten die onze sectoren volledig overhoop halen en onze economie vertragen.
Geen enkele van deze beslissingen is hier genomen en toch treffen ze ons allemaal recht in het gezicht.
De dringende vraag is of wij, samen, in staat zijn om mee te tellen bij de besten in deze diepgaand veranderende wereld.
Om deze nieuwe uitdagingen aan te gaan, hebben we een welvarend, productief, innovatief en vastberaden Wallonië nodig.
Het is zo'n Wallonië, samen met onder meer Vlaanderen, dat Europa nodig heeft.
Ik ben er diep van overtuigd: een regio die centraal stond in industriële revoluties kan haar plaats terugvinden.
Een regio komt opnieuw in beweging zodra men beslist haar te stuwen.
In 2025 werden er 12% meer bedrijven opgericht in Wallonië.
Onze aanwervingsvooruitzichten zijn de hoogste van het land, met een stijging van 22%.
Deze resultaten moeten ons aanmoedigen.
Ze mogen ons nooit tevredenstellen.
Een Wallonië dat goed in zijn vel zit, rust niet op zijn zekerheden.
Het weet wat het waard is.
Het weet ook welke weg het nog moet afleggen.
Het gaat vooruit met de rustige trots van hen die de waarde van hun ideeën kennen en die het doorzettingsvermogen hebben om alles op te bouwen.
Vooral weet het dat zijn plaats terugnemen niet betekent die van anderen in te nemen.
Het betekent samen met hen vooruitgaan.
Hier, in België.
En samen, in Europa.
Samen sterker. Samen sterker.
Average Rob vertelt het op zijn manier best goed: we houden ervan te lachen om wat ons verdeelt, maar soms volstaat één prestatie om ons te herinneren aan alles wat ons verenigt.
Misschien is dat, uiteindelijk, wat we gemeen hebben: geleerd hebben om van onze tegenstellingen een identiteit te maken.
Mijnheer de Minister-President,
Beste vrienden,
Welkom in Wallonië.
Geniet van onze Feesten.
Wees niet verrast als iemand u een zoen geeft.
Als een wat al te stevige omhelzing u doet schrikken.
Als een tiental pékets in uw handen belanden.
Dat is ook, een Belgïe op zijn Waals.
Fijne Feesten van Wallonië aan iedereen.
Bone fiesse di Walonîye!