De immersie is geëvolueerd sinds 2007, de datum van de inwerkingtreding van het decreet dat ze organiseert. Gezien de afgelegde weg is het Parlement van de Federatie Wallonië-Brussel in januari 2023 gestart met een reeks hoorzittingen met de actoren van de immersiescholen, om de huidige werking te bestuderen en de toekomst uit te tekenen. De MR stelt aanbevelingen voor na dit jaar van werkzaamheden.
In de zaal Philippe Geluck van het Parlement van de Federatie Wallonië-Brussel hebben we deze woensdag de aanbevelingen goedgekeurd waarmee deze “Staten-Generaal van de Immersie” worden afgesloten.
De werkzaamheden hebben bevestigd dat de pedagogische methode van taalverwerving via taalimmersie duidelijke voordelen biedt, zowel voor de leerlingen als voor de onderwijsteams. De hoorzittingen hebben ook aangetoond met welke moeilijkheden de onderwijsteams te maken krijgen, maar ze hebben ook doelstellingen en verbeterpistes naar voren gebracht om hierop te antwoorden. Als men de leermethodes wil kunnen aanpassen aan de doelstellingen, is het immers nodig dat er duidelijke bakens worden gesteld en dat de belemmeringen worden weggenomen, door de invoering van een duidelijk en gemoderniseerd wetgevend kader voor het immersieonderwijs.
In dit verband pleiten we voor de oprichting binnen het Algemeen Bestuur van het Onderwijs van een interschoolnetcel gewijd aan immersie, om de aansturing en de opdrachten te versterken, met name door de aanwezigheid van referentiepersonen ter beschikking van de scholen. Een dergelijke dienst voor onderwijsactoren zou de teams kunnen ondersteunen, de efficiëntie van wat al bestaat versterken en verbeteren, en tevens scholen in netwerk brengen. Deze cel zou onder meer belast zijn met het centraliseren van administratieve en pedagogische informatie voor leerkrachten en directies, het ontwikkelen van een praktische gids op basis van het betrokken decreet en het verspreiden van de resultaten van onderzoek in onderwijs om de teams te ondersteunen in immersiepraktijken, met name de uitwisseling van goede praktijken tussen en ter beschikking van leerkrachten via netwerking.
Om het reglementaire landschap te verduidelijken, zonder de huidige praktijken te bevriezen, steunen we het voorstel om een kadaster van de taalimmersieprojecten in de Federatie Wallonië-Brussel op te stellen, met specificatie van hun organisatorische kenmerken.
We willen er ook aan herinneren dat onderwijs de eerste van alle sociale beleidsdomeinen is die op emancipatie gericht zijn. School moet de plaats zijn van gelijke kansen, opportuniteiten en talentontdekking. Deze talenten moeten dus vanaf de jongste leeftijd worden gestimuleerd. We willen een school die open staat voor de uitdagingen van onze tijd op het vlak van talen, ook voor scholen en leerlingen die de pedagogische keuze hebben gemaakt voor taalonderwijs via immersie.
Men hoort regelmatig dat immersie een elitair project is. Nochtans, tijdens de hoorzittingen hebben velen het tegenovergestelde getuigd: het is een echt inclusief schoolproject. De MR wil een resoluut beleid voor een inclusieve immersie, zodat meer jongeren kunnen genieten van immersie, door pilootprojecten op te starten in het kwalificerend, artistiek en gespecialiseerd onderwijs, maar ook in scholen met een lage sociaal-economische index, ongeacht het niveau en het type onderwijs. Het immersieonderwijs moet worden ondersteund, omdat het de ontwikkeling van een breed scala aan vaardigheden bij de leerling mogelijk maakt, ook bij leerlingen met leermoeilijkheden. Er moet ook worden gezorgd voor de invoering van remediëringsmaatregelen zoals persoonlijke begeleiding in de immersieprojecten.
Voor ons verdient ook de taalbeoordeling bijzondere aandacht. Een erkenning van het immersietraject is nodig, om de vooruitgang van elke leerling in zijn of haar schooltraject te beoordelen en niet in vergelijking met de klasgroep. Daarom willen we een taalbeoordelingstraject ontwikkelen doorheen de hele schoolloopbaan.
Wat de schooldirecties en leerkrachten betreft, zij zijn uiteraard een centrale en essentiële schakel voor de kwaliteit van het onderwijs. Het is dan ook nodig om een ambitieuze, globale aanpak van de taalopleiding in de lerarenopleiding te definiëren en ervoor te zorgen dat zowel de initiële opleiding als de voortgezette opleiding ambitieus en kwalitatief zijn, en aansluiten bij de behoeften op het vlak van zowel de kennis van de onderwijstaal als de te onderwijzen vakken.
Na een initiële opleiding die de toekomstige leerkrachten moet voorzien van solide kennis via de invoering, binnen de secties 1, 2, 3 en 4 van de masters in het onderwijs, van een inleidingsmodule tot taalimmersie, alsook via de invoering van het intercertificaat tussen hogescholen inzake didactiek van immersietalen en tweede talen (waaronder Nederlands, Duits en Engels), moeten de modules voortgezette opleiding ten dienste staan van de dagelijkse schoolrealiteit voor leerkrachten en directies. We willen ook een effectieve en versterkte begeleiding van leerkrachten verzekeren, en a fortiori van beginnende leerkrachten, of ze nu net afgestudeerd zijn of aan een tweede loopbaan beginnen.
Ten slotte, om het lerarentekort te bestrijden, moeten de toegangsvoorwaarden, waaronder het feit “native speaker” te zijn, worden versoepeld.
In dit verband moet het samenwerkingsakkoord tussen de gemeenschappen worden herzien, zodat het enerzijds de voorwaarden en steunmaatregelen verduidelijkt voor leerkrachten die ervoor kiezen om over de taalgrens heen te onderwijzen, en anderzijds de dialoog tussen de gemeenschappen aanmoedigt om de uitwisselingen tussen leerlingen, maar ook tussen leerkrachten van de drie gemeenschappen, verder te bevorderen.
Verder, vooral in een context van tekort, moet meer soepelheid met betrekking tot Titels en Functies die in immersie kunnen worden gegeven, worden overwogen. Als het vorige systeem te laks was, is het huidige te verkokerd. Dit decreet is, in tijden van tekort, zeer beperkend en draagt bij tot het verder verminderen van de attractiviteit van het beroep.
Een sensibiliserings- en communicatiestrategie over het belang van taalonderwijs voor alle leerlingen, gericht op logopedisten, medewerkers van PMS-centra, leerkrachten, opvoeders, directies en oudervereniginngen, lijkt noodzakelijk.
Om de onderwijsteams te ondersteunen, moeten leer- en onderwijsmiddelen worden ontwikkeld die aansluiten bij de specificiteiten van het immersieonderwijs, met name door te zorgen voor de valorisatie van bestaande hulpmiddelen en voor de creatie van hulpmiddelen, bronnen en pedagogische middelen die specifiek zijn voor het immersieonderwijs en ter beschikking worden gesteld van leerkrachten via e-classe; door de definiëring van een competentiereferentiekader specifiek voor onderwijs in de doeltaal; door de productie van bijlagegidsen bij de bestaande referentiekaders in de vakken die vaak worden onderwezen in een van de drie immersietalen en, ten slotte, door de realisatie door de FWB van een praktische gids voor de organisatie van het immersieonderwijs ten behoeve van de onderwijsactoren.
Laten we afsluiten met de herinnering dat wij bij de MR sterk gehecht zijn aan taalonderwijs op school. En we volgen met bijzondere aandacht alle werkzaamheden die gericht zijn op een versterking van het taalonderwijs, ongeacht het gebruikte systeem. We zijn voorstander van meertaligheid en van een reflectie over tweetalige scholen. De kennis van meerdere talen is zo'n troef in het leven!
Door Stéphanie Cortisse, Jacqueline Galant, Fanny Constant en Nicolas Janssen