In het kader van het Belgisch Voorzitterschap van de Raad organiseerde de Minister van Zelfstandigen David Clarinval een conferentie gewijd aan het ambachtswerk in Europa. Het doel is om de huidige en toekomstige middelen ter ondersteuning van deze essentiële sector van onze economie te evalueren.
De conferentie werd ingeleid door de federale Minister van Zelfstandigen en KMO's, die zijn voortdurende steun aan de Belgische ambachtslui tijdens de voorbije legislatuur benadrukte.
Deze steun kwam onder andere tot uiting in de versterking van het ambachtslabel van de FOD Economie, een waardevol instrument voor de erkenning en zichtbaarheid van Belgische ambachtslui. Dankzij dit label kunnen consumenten die op zoek zijn naar authenticiteit gelabelde ambachtslui makkelijker identificeren, onder meer via de website lesartisans.be, ontwikkeld onder zijn mandaat. Vandaag telt dit label, dat op vrijwillige basis en gratis wordt toegekend, al meer dan 2.000 erkende ambachtslui.
De minister zette zich er ook voor in om, via een promotiecampagne, de Dag van de Ambachtsman verder te zetten, waarbij gecertificeerde ambachtslui in de kijker worden gezet. De volgende editie van dit evenement vindt plaats op 17 november.
In het kader van het Belgisch Voorzitterschap van de EU werd een studie uitgevoerd over de beste praktijken op het gebied van ambachtswerk binnen de Europese Unie. De resultaten van deze studie, voorgesteld tijdens de conferentie, hebben als doel de huidige denkoefeningen op regionaal, nationaal en Europees niveau te verrijken.
De gesprekken werden verdiept door tussenkomsten van gerenommeerde panelleden, waaronder Professor Munck, Catherine Elie, Directrice van het Institut Supérieur des Métiers in Parijs, Véronique Willems, Secretaris-Generaal van SME United, Raffaele Trapasso, Senior Economist bij de OESO, en Laura Miguel Baumann, Secretaris-Generaal van het World Craft Council Europe.
De minister bevestigde de noodzaak om deze werknemers verder te blijven ondersteunen: “Onze samenlevingen hebben ambachtslui niet alleen nodig om bepaalde vakkennis en tradities te behouden, maar ook om kwalitatieve lokale producten en diensten te leveren en een duurzame economische dynamiek te ondersteunen”.