1 november markeert een belangrijke stap voor het concurrentievermogen van de Belgische economie. Na vijftien jaar eisen treedt de energienorm concreet in werking. Gedragen door federaal minister van Energie Mathieu Bihet, mobiliseert deze hervorming 944 miljoen euro over de legislatuur om de elektriciteitskosten te verlagen, investeringen te ondersteunen en industriële tewerkstelling in België te vrijwaren.
In een context van toenemende internationale concurrentie kunnen onze bedrijven niet blijvend energiekosten dragen die hen benadelen tegenover hun Europese concurrenten. Voor de Mouvement Réformateur (MR) betekent het verdedigen van onze industrie het verdedigen van onze welvaart, onze banen en ons vermogen om rijkdom te creëren.
Drie hefbomen om ons concurrentievermogen te versterken
De energienorm steunt op drie aanvullende maatregelen.
Het eerste luik voorziet in een structurele verlaging van de transporttarieven voor elektriciteit voor de in aanmerking komende industriële bedrijven, volgens de criteria bepaald door de regulator, de CREG. Deze maatregel vertegenwoordigt ongeveer 55% van het totale budget en beoogt een duurzame verlichting van een deel van de energiekosten van bedrijven waarvan het verbruiksprofiel voldoet aan de door de regulator vastgelegde criteria.
Het tweede luik betreft een verlaging van de accijnzen op elektriciteit, zowel voor gezinnen als voor bedrijven. Dit vult de gerichte steun aan de industrie aan met een bredere fiscale verlichting. Een keuze die past binnen een liberale aanpak: de fiscale druk verlagen en meer ademruimte geven aan wie produceert, investeert en consumeert.
Tot slot wordt 425 miljoen euro overgedragen aan de Gewesten om elektro-intensieve bedrijven te ondersteunen in het kader van het Europese CISAF-kader. Deze middelen moeten bijdragen tot de versterking van hun concurrentievermogen en tegelijk investeringen in energie-efficiëntie en industriële decarbonisatie aanmoedigen.
Kiezen voor industrie en werkgelegenheid
Deze hervorming beantwoordt aan een langdurige vraag van de industriële en werkgeversfederaties. Ze weerspiegelt een essentiële overtuiging van de MR: de energietransitie moet onze economie concurrentieel houden, en niet haar de-industrialisering versnellen.
De elektrificatie van de industrie vergt aanzienlijke investeringen. Om die in België te realiseren, hebben bedrijven gunstige economische voorwaarden, een beheerste fiscaliteit en een voorspelbaar kader nodig. De energienorm draagt bij tot het verenigen van deze voorwaarden.
„België moet een industrieland blijven. Met de energienorm scheppen we betere voorwaarden zodat onze bedrijven bij ons kunnen blijven investeren, produceren en zich ontwikkelen”, benadrukt Mathieu Bihet.
Na vijftien jaar wachten gaan we van eisen naar resultaten. De MR kiest voor een België dat produceert, investeert en banen creëert.