Het Waals Parlement heeft deze woensdag de bepalingen goedgekeurd die de geleidelijke uitfasering van stookolie- en kolenketels in bestaande gebouwen organiseren. Deze hervorming, gestart onder de vorige legislatuur, wordt uitgesteld tot 2031 om de betaalbaarheid voor de gezinnen te garanderen. Er zijn afwijkingen voorzien.
Het Parlement heeft deze donderdag de bepalingen goedgekeurd die het mogelijk maken de geleidelijke uitfasering van stookolie- en kolenketels in bestaande gebouwen te organiseren.
Concreet wordt het verbod om een stookolie- of kolenketel te installeren of te vervangen in een bestaand gebouw, dat initieel gepland was vanaf 1 januari 2026, uitgesteld tot 1 januari 2031.
Om een geleidelijke, pragmatische en sociaal verantwoorde transitie te garanderen, zijn er verschillende voorwaarden voorzien:
- een periode van meerdere jaren waardoor eigenaars deze evolutie kunnen anticiperen;
- de mogelijkheid om de brander van een stookolieketel te vervangen tot 31 december 2034, om een geleidelijke uitfasering van deze technologie tegen 2050 te verzekeren;
- een systeem van afwijkingen wanneer alternatieven technisch, economisch of functioneel niet haalbaar zijn.
Deze hervorming vervolledigt de maatregel die al van kracht is voor nieuwe gebouwen, waar de installatie van stookolie- en kolenketels sinds 1 januari 2026 verboden is.
Een transitie aangepast aan de realiteit op het terrein
De Regering herinnert er echter aan dat er geen enkele oplossing bestaat die toepasbaar is op alle Waalse woningen. Naargelang de kenmerken van het gebouw kunnen verschillende alternatieven overwogen worden: warmtepompen, biomassaketels, hybride oplossingen, warmtenetten, aardgas (via het net of via de plaatsing van een individuele tank) enz.
Er wordt rekening gehouden met de beperkingen van de energienetten. Zo zal geen enkele familie in een situatie terechtkomen waarin de vervanging van haar verwarmingssysteem onmogelijk zou worden door het ontbreken van een beschikbaar alternatief.
Aangepaste ondersteuning
Bovendien zal vanaf 1 oktober 2026 de nieuwe regionale renovatiesteun de steunmaatregelen vereenvoudigen, de begeleiding van gezinnen versterken en investeringen in performantere verwarmingssystemen vergemakkelijken. Het MEBAR-mechanisme werd eveneens aangepast om meer alternatieve oplossingen te ondersteunen; premies ondersteunen kwetsbare gezinnen bij de vervanging van hun verwarmingssysteem of bij isolatie- of gezondheidswerken.
Cécile Neven, minister van Energie: “We hebben gekozen voor een haalbaar traject. Ons doel is niet om een eenheidsoplossing op te leggen, maar om gezinnen geleidelijk te begeleiden naar duurzamere verwarmingssystemen, rekening houdend met de technische, economische en menselijke realiteit. Niemand zal zonder oplossing achterblijven”.