
Deze week trekken we naar Binche om Frédéric Maghe te ontmoeten. Gemeenteraadslid sinds 2012, heeft hij zich de afgelopen jaren onvermoeibaar ingezet voor zijn lokale afdeling, maar ook voor de MR op nationaal niveau. Frédéric werkt namelijk al vele jaren binnen de Mouvement Réformateur en is net Secretaris-generaal geworden, een centrale functie binnen de interne organisatie van onze partij.
Fred, een liberale gemeenteraadslid zijn in een stad met een absolute socialistische meerderheid zoals Binche, dat is ongetwijfeld niet elke dag makkelijk…
Nee, dat is niet gemakkelijk, temeer omdat we ononderbroken deel uitmaakten van de meerderheid van 2006 tot de laatste verkiezingen. In 2006 hadden we 1 rechtstreeks verkozene op 33. In 2012 werden dat 3, in 2018 5, en sinds de verkiezingen van 2024 zijn we er nu 8. We slagen er dus, verkiezing na verkiezing, in om steeds meer zetels te behalen.
Je bent recent Secretaris-generaal van de MR geworden, hoe zie je deze functie?
Ik ben vooral erg blij dat de Voorzitter mij deze verantwoordelijkheid heeft voorgesteld en dat de Raad van de MR dit heeft goedgekeurd. Ik dank hen daarvoor. Ik heb een behoorlijk lange ervaring binnen onze politieke formatie, die ik dien sinds 2008. Ik heb gewerkt voor Pierre-Yves Jeholet, Didier Reynders, Charles Michel, Olivier Chastel en, ten slotte, voor Georges-Louis, dus ik ben eerder een profiel dat het liberale huis goed kent... Het secretariaat-generaal is een belangrijke functie, op het kruispunt van de MR als kleine onderneming (HR, middelen, statuten, interne organisatie, federaties, afdelingen, enz.) en van het luik “politieke inhoud” dat we natuurlijk daarnaast moeten blijven opvolgen. Het is een mooie, enthousiasmerende uitdaging die ik zo goed mogelijk wil aangaan. Ik heb het geluk al lang een voet in het huis te hebben, dus mijn aanpassing zou snel moeten verlopen. Ik wil in elk geval Valentine Delwart bedanken en hulde brengen, die mij in deze rol is voorgegaan, met alle kwaliteiten die we van haar kennen, gedurende bijna 15 jaar. Ik maak van deze gelegenheid ook gebruik om haar veel succes te wensen bij de Brusselse onderhandelingen die haar momenteel onder andere bezighouden.
Binche is bekend als een stad van folklore, met haar beroemde Gilles. En jij neemt zelf deel aan het carnaval…
Ja, absoluut, ik tel 29 jaar deelname aan het carnaval en ik ben lid van het comité van mijn gillesvereniging, de Jeunes Indépendants. Het carnaval is een soort irrationele onderbreking, een gestolen moment in het jaar waarin je systematisch vrienden, kennissen en familie terugvindt om feest te vieren, maar ook om een folklore levend te houden waar we sterk aan gehecht zijn. Ik ben vooral verzot op de hele opbouw die het carnaval aankondigt: de sociëteitssouper in november, de audities en trommelrepetities in december, de soumonces en carnavalsbals in januari, voordat de drie vette dagen alles bekronen. Ik mis daar bijna niets van. De dag erna doet het hoofd soms een beetje pijn, maar wie weet feesten, weet ook op te staan om te gaan werken. Ik hou van mijn stad, ook los van het carnaval. Er heerst een bepaalde menselijke warmte, een tikkeltje opstandige geest, een neiging tot roddelen. Binchois zijn, dat is een levenshouding.