Op voorstel van minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken Bernard Quintin heeft de regering beslist om de aanwezigheid van de militairen die de politie komen versterken, met zes maanden te verlengen.
Sinds begin april patrouilleren politieagenten en militairen samen in de Brusselse stations en metrostations, als antwoord op het drugsgerelateerde geweld en de algemene veiligheidssituatie in de hoofdstad.
De cijfers evolueren in de goede richting. Het aantal geregistreerde inbreuken in de Brusselse stations en metrostations is met meer dan 10% gedaald.
De sterkste dalingen werden met name vastgesteld bij diefstal met geweld, wapenbezit en illegaal verblijf.
„Deze resultaten tonen aan dat onze strategie heel concrete effecten heeft op het terrein. De gemengde patrouilles van militairen en politieagenten vormen daarvan een centraal element, en we beslissen vandaag om hun inzet te verlengen. In een veiligheidscontext die in de hoofdstad moeilijk blijft, zal deze federale regering alle nodige middelen blijven inzetten om de Brusselaars en de pendelaars te beschermen”, verklaart Bernard Quintin.
Naast de steun aan de spoorwegpolitie in de Brusselse stations en metrostations voorziet het huidige protocol ook in een ruimere inzet van militairen ter versterking van de politie in het kader van gerichte acties, de zogenaamde „FIPA”-acties, gelanceerd in het kader van het Plan Grote Steden van minister Quintin.