De Waalse Regering keurt definitief het ontwerpdecreet goed over de hervorming van de Waalse fiscaliteit en de invoering van een verlaagd tarief voor registratierechten bij de aankoop van een enige eigen woning, alsook een algemene verlaging van de successierechten. De teksten van de fiscale maatregelen worden begin december besproken in het Waals Parlement. Zoals in september door de Waalse Regering aangekondigd, worden de registratierechten vanaf januari 2025 verlaagd naar 3%.
Context
De Regionale Beleidsverklaring voorziet in een ongeziene en zeer ambitieuze fiscale hervorming, een echte fiscale revolutie, om “de middenklasse weer wat lucht te geven door administratieve vereenvoudiging en fiscale verlichting”. De Regering heeft namelijk beslist om belastingen die al jaren niet meer hervormd zijn, grondig te hervormen, deze sterk te vereenvoudigen en de belasting echt transparanter en rechtvaardiger te maken: belastingen moeten “bijdragen aan de financiering van de solidariteit, maar mogen in geen geval een belemmering vormen voor de emancipatie van de midden- en volksklasse”.
Het doel van de Regering is om de burger tijdens deze legislatuur meer dan 700 miljoen euro cumulatief terug te geven en, waar mogelijk, de toepasselijke juridische regels te vereenvoudigen voor meer doeltreffendheid en efficiëntie van de Waalse fiscaliteit.
Verschillende maatregelen
- 3% registratierechten voor de aankoop van een enige eigen woning
Het wordt steeds moeilijker, vooral voor jonge volwassenen die dat willen, om vastgoed te verwerven. Nochtans weten we dat Belgen in het algemeen en Walen in het bijzonder van oudsher “een baksteen in de maag” hebben. Een bijzonder positieve traditie die altijd een echte garantie heeft gevormd tegen het ontstaan en de toename van armoederisico's tijdens het leven, en met name op pensioenleeftijd.
De Regering heeft besloten om aanzienlijke middelen te richten naar een krachtig beleid ter ondersteuning van de aankoop van een enige eigen woning. Zo zal vanaf 1e januari 2025 het tarief van de registratierechten dat van toepassing is op onroerend goed dat bestemd is om de enige eigen woning te worden, sterk verlaagd worden naar 3% in plaats van het huidige gewone tarief van 12,5%.
En om rekening te houden met veranderingen in het leven (gezin, kinderen, beroep, …), zal het zelfs mogelijk zijn om van de 3% te genieten als huidige eigenaar van een woning, op voorwaarde dat men binnen drie jaar na de aankoop van de nieuwe woning verkoopt.
Tegelijkertijd worden de verschillende regelingen die tot nu toe naast elkaar bestonden, afgeschaft:
- De eerste-aankoopvermindering: vermindering van de rechten tot 5.000 euro, die niet voldoende impact had;
- De woonbonus (“chèque-habitat”): een regeling die aanzienlijke middelen mobiliseert als steun voor bezit, ten koste van steun die zich concentreert op verwerving, terwijl toegang tot eigendom vandaag net het grootste probleem is voor een groot aantal gezinnen die hun woning willen kopen;
- Het verlaagd tarief voor bescheiden woningen: een vermindering gebaseerd op het kadastraal inkomen, een criterium dat een bron van grote onrechtvaardigheid tussen belastingplichtigen is geworden (gebrek aan algemene perequatie, gebrek aan federale controle van de kadastrale waarde bij verbetering van het goed, …).
- Sterke verlaging van de successie- en schenkingsrechten op onroerend goed
De andere grote fiscale maatregel die de Regering tijdens deze legislatuur wil realiseren, beoogt de successierechten radicaal te verlagen door krachtig in te grijpen op de huidige tarieven.
Zoals de Regionale Beleidsverklaring vermeldt: “de successierechten steunen op historische familiebegrippen die niet altijd de rijkdom en de veelheid van affectieve banden weerspiegelen. Ze steunen ook op moeilijk leesbare tariefschalen en op tarieven die vandaag confiscerend lijken”. De huidige tariefstructuur blijkt immers onrechtvaardig, met hoge tarieven die tot 80% kunnen gaan.
De Regering neemt krachtige actie en halveert alle toepasselijke tarieven, zowel tussen echtgenoten en wettelijk samenwonenden en in rechte lijn (ouders, kinderen, kleinkinderen, …), als in de zijlijn (broer, zus, oom, tante, neef, nicht), als tussen alle andere personen (neven, vrienden, feitelijk samenwonenden, …).
Zo zullen bijvoorbeeld de maximale tarieven vanaf 1e januari 2028 dalen:
- van 30% naar 15% in rechte lijn, tussen echtgenoten en tussen wettelijk samenwonenden;
- van 65% naar 33% in de zijlijn “broers en zussen”;
- van 70% naar 35% in de zijlijn “ooms of tantes en neven of nichten”;
- van 80% naar 40% tussen alle andere personen.
Naast deze verlaging van de successierechten zullen ook de tarieven van de schenkingsrechten op onroerend goed parallel verlaagd worden, om deze vroegtijdige overdracht van vermogen aantrekkelijk te houden, wat vaak een gedeeltelijke herinvestering in de economie mogelijk maakt.
Zo zullen bijvoorbeeld de maximale tarieven vanaf 1e januari 2028 dalen:
- van 27% naar 14% in rechte lijn, tussen echtgenoten en tussen wettelijk samenwonenden;
- van 40% naar 20% tussen alle andere personen (van broers en zussen tot andere personen).
Ook de belastbare minima voor successierechten worden gemoderniseerd ten voordele van alle belastingplichtigen, voor meer transparantie en eenvoud.
Ten slotte zal de effectieve overname van de bevoegdheid door het Gewest het mogelijk maken om de controle- en invorderingsprocedures voor zowel registratierechten als successierechten te verbeteren. Zoals de Regionale Beleidsverklaring aangeeft, moet men “de strijd tegen fiscale fraude en ontduiking versterken, met eerbiediging van de fundamentele rechten van de burgers”. Het gaat er dus om binnen de SPW Finances doeltreffende verificatie- en controlestrategieën in te voeren om zowel mogelijk fiscaal misbruik als de verschillende mechanismen van fiscale fraude die kunnen worden toegepast, te voorkomen.
- Verbetering van de fiscale rechtvaardigheid
Om rekening te houden met veranderingen in de samenstelling van gezinnen (nieuw samengestelde gezinnen), wordt de gelijkstelling van de kinderen van de echtgenoot / wettelijk samenwonende partner van de overledene (of van de schenker) uitgebreid tot alle afstammelingen, zodat kleinkinderen of achterkleinkinderen van de echtgenoot of wettelijk samenwonende partner kunnen genieten van de gunstige tarieven in rechte lijn voor de successierechten (of de schenkingsrechten op onroerend goed).
In dezelfde geest, en onverminderd de regels van het burgerlijk recht, worden kinderen die in gezinnen zijn opgevangen gelijkgesteld met de biologische kinderen van de overledene en de schenker. Zelfs al gaat het niet om een groot aantal kinderen, het is volstrekt onrechtvaardig om hen als vreemden aan het gezin te beschouwen na meerdere jaren leven binnen hun gastgezin.
Verder worden verschillende andere maatregelen genomen op het gebied van successierechten, zoals de invoering van een optionele forfaitaire regeling voor begrafeniskosten en “kleine” schulden van de overledene, om de verplichtingen van de erfgenamen te vereenvoudigen, die al te maken hebben met alle moeilijkheden die het overlijden van een naaste vanzelfsprekend met zich meebrengt.
Ook wordt de voorwaarde afgeschaft dat de woning die als hoofdverblijfplaats diende voor de overledene en zijn/haar echtgenoot tijdens de vijf jaar voorafgaand aan het overlijden effectief bewoond moest zijn, om te kunnen genieten van de fiscale voordelen voor de langstlevende echtgenoot (vrijstelling) of de rest van de rechte lijn (gunstig tarief), aangezien deze voorwaarde zware en niet-opportune of ongerechtvaardigde gevolgen kon hebben.
Ten slotte wordt een belangrijke modernisering voorzien van de vermindering wegens improductiviteit inzake onroerende voorheffing, met name na de dramatische ervaring van de overstromingen van juli 2021 en de grote moeilijkheden die belastingplichtigen ondervonden om deze vrijstelling te verkrijgen. Enerzijds wordt de voorwaarde van 180 dagen leegstand in de loop van het jaar in geval van erkende openbare rampen herzien om significant verlaagd te worden (deze voorwaarde kon bijvoorbeeld in juli 2021 niet gehaald worden, aangezien er minder dan 180 dagen overbleven in het kalenderjaar). Anderzijds wordt de voorwaarde dat het betrokken goed verplicht ongemeubeld moest zijn, afgeschaft, omdat deze niet langer relevant wordt geacht.
Adrien DOLIMONT, Minister-President van Wallonië: “De verlaging van de registratierechten naar 3% zal volledig worden toegepast vanaf 1 januari 2025, overeenkomstig de gemaakte engagementen. Deze maatregel heeft tot doel de toegankelijkheid van eigendom te ondersteunen, en tegelijk een dynamische en aantrekkelijke economische omgeving te bevorderen voor gezinnen en investeerders. Het naleven van de termijnen en de uitvoering van deze hervorming getuigen van de wil van de Waalse Regering om te beantwoorden aan de verwachtingen van de burgers en de fiscale rechtvaardigheid in Wallonië te versterken.”